Scholen

Reanimatieonderwijs op school

Tijdens de reanimatielessen leren we leerlingen volgens de NRR/ERC richtlijnen hoe een reanimatie wordt uitgevoerd. In ons lesprogramma wordt er aandacht besteed aan alle onderdelen van een reanimatie; het letten op gevaar, het controleren van het bewustzijn van het slachtoffer, het alarmeren van de hulpdiensten, het openen van de luchtweg, het controleren van de ademhaling, het toedienen van borstcompressies, het toedienen van beademingen en tenslotte het vinden en bedienen van een automatische externe defibrillator (AED). Verder krijgen de leerlingen een aantal aanvullende vaardigheden aangeleerd die bij een reanimatie van pas kunnen komen, namelijk de stabiele zijligging en hoe te handelen bij verslikking en verstikking.

Lees meer

Alle stappen en vaardigheden worden steeds interactief gedemonstreerd en uitgelegd door onze instructeurs en daarna veelvuldig geoefend. Hierbij oefenen er maximaal drie leerlingen per pop en lopen de instructeurs rond om tips te geven. Daarnaast wordt er in de lessen aandacht besteed aan reanimatie bij kinderen en aan de keuze om wel of niet te reanimeren, bijvoorbeeld bij het tegenkomen van een ‘niet-reanimeren penning’. Er wordt ook aandacht besteed aan de impact die reanimeren kan hebben op hulpverleners en de nazorgmogelijkheden. De lessen beginnen altijd met een uitgebreide introductie en eindigen met een evaluatie. Uiteraard is er tijdens de lessen altijd ruimte voor vragen en opmerkingen.

Een volledige reanimatietraining bestaat bij Taskforce QRS Nijmegen uit twee reanimatielessen van elk 100 minuten in het eerste jaar dat de reanimatieles gegeven wordt (dit hoeft echter niet persé het eerste jaar van de middelbare school te zijn), gevolgd door één herhaalles in de daaropvolgende jaren. Deze lessen worden gegeven door 4 instructeurs per klas.

Ons doel is om alle scholen in Nijmegen en omstreken uiteindelijk reanimatielessen aan te bieden. Om dit zo aantrekkelijk mogelijk te maken, zijn er bij Taskforce QRS Nijmegen voor scholen geen kosten verbonden aan het reanimatieonderwijs. Wij zorgen voor het materiaal en hebben van de school alleen ruimte en tijd voor het onderwijs nodig.

Voor achtergrond informatie van reanimatieonderwijs klik hier.

Wij leren uw leerlingen levens redden

Hoe kan uw school meedoen?

Als uw school interesse heeft in een samenwerking met Taskforce QRS Nijmegen of graag meer informatie wilt ontvangen, kunt u mailen naar x.tennapel@taskforceqrs.nl of het onderstaande contactformulier invullen. 

Deze scholen doen al mee

Momenteel zijn wij als Taskforce QRS Nijmegen actief op vier verschillende middelbare scholen in en rondom Nijmegen, te weten:

  • Stedelijk Scholengemeenschap Nijmegen (SSgN)

  • het Stedelijk Gymnasium Nijmegen (SGN)

  • de Nijmeegse Scholengemeenschap Groenewoud (NSG)

  • het Canisius College in Nijmegen

Achtergrond van reanimatieonderwijs

Elk jaar krijgen in Nederland 15.000-16.000 mensen een plotselinge circulatiestilstand buiten zorginstellingen. Dat zijn ongeveer 300 mensen per week. 80% van deze circulatiestilstanden vinden plaats in de woonomgeving. Overleving van een plotselinge circulatiestilstand is afhankelijk van de keten van overleving. De keten is zo sterk als de zwakste schakel. Het herkennen van een plotse circulatiestilstand, het alarmeren van de hulpdiensten, direct starten met reanimeren (borstcompressies en beademingen), het vroegtijdig defibrilleren (indien mogelijk) en de specialistische zorg vormen onderdelen van de keten van overleving.

Burgerhulpverleners, in de vorm van omstanders, vormen een essentieel onderdeel van deze keten. Zij zijn immers vaak als eerste ter plaatse en kunnen de eerste 3 van de 4 stappen van de keten van overleving in werking zetten. Door borstcompressies en beademingen toe te passen zorgen burgerhulpverleners voor een minimale bloedtoevoer naar de hersenen. Een slachtoffer van een plotse circulatiestilstand heeft twee keer meer kans om te overleven wanneer omstanders snel en adequaat de reanimatie starten. Omstanderreanimatie in Nederland bedraagt 60%-70%. Hier is nog genoeg ruimte voor verbetering, idealiter bedraagt omstanderreanimatie 100%. Het is wetenschappelijk aangetoond dat er een verband bestaat tussen omstanderreanimatie en de overlevingskans bij plotselinge circulatiestilstand. Wanneer omstanders vaker en sneller beginnen met reanimeren is de overlevingskans groter. Het percentage omstanders dat snel begint met reanimeren kan vergroot worden door meer burgerhulpverleners op te leiden.

De hierboven beschreven feiten geven de noodzaak van reanimatieonderwijs weer. Wij trachten ons doel (de overlevingskans voor slachtoffers van een plotse circulatiestilstand verhogen) te bereiken door zoveel mogelijk mensen te leren reanimeren. Wij besteden speciale aandacht aan scholieren in het voortgezet onderwijs. Onze trainingen zijn toegankelijk voor iedereen. Onze aanpak is uniek omdat wij studenten op grote schaal inzetten als reanimatie-instructeur. In onze ogen vormen studenten een goede reanimatie-instructeur doordat zij jong, flexibel en betrokken zijn. Bijkomend voordeel is dat de toekomstige artsen daardoor meer betrokken raken bij het onderwerp van plotse hartdood en hun eigen reanimatievaardigheden verbeteren ongeacht de specialisatie.

Top